Jongen tegenove

23 mei 2014
We hadden oogcontact in de trein vanaf station Utrecht Centraal naar station Veenendaal Centrum. Op station Maarn verloren we elkaar uit het oog.
"Je stapte in Utrecht Centraal in op perron 14b in de sprinter van 08:27. Ik liet jou eerst instappen en ging bij je zitten in de tweede wagon van voren in een verhoogd vierzitje vlak bij de kreukel. Bij het instappen zag je mij volgens mij nog niet. Jij reisde vooruit en zat bij het raam. Ik zat schuin tegenover je. Het was druk in de trein, maar bij ons zat verder niemand. Je bent een jongen met zwart/ donker haar. Je had o.a. een (grijs dacht ik) shirt met een diepe hals aan, casual schoenen. Op je schoot hield je een rugtas welke je de hele rit op je schoot hield. Je pakte een Spits die naast je lag en ging die lezen. Tijdens de rit keek je me af en toe aan en dan weer weg. Ik voelde dat je het ongemakkelijk vond, net als ik. Via de ruit keek je stiekem naar me. Toen je zag dat ik dit merkte deed je je wenkbrauwen op en neer en lachte. De hele weg zei je geen woord tegen me, maar je lichaamstaal zei genoeg. Toen de conducteur langs kwam keken we elkaar aan van: moet dit nou? Ik pakte mijn ov-chipkaart in doorzichtig hoesje en legde deze op de stoel naast me. Jij probeerde mijn naam te lezen hierop. Toen de conducteur er was hield jij je pas in je portemonnee tegen de handscanner. Toen in Driebergen-Zeist de meeste mensen uitstapten bleef jij zitten, net als ik. Toen ik even later in Maarn er uit moest keek je me lief aan en ik zei 'doei' tegen je. Je was nogal overrompeld en probeerde nog wat te zeggen, maar er kwam niet echt iets uit. Jij reisde door in de richting van Veenendaal Centrum. Ik ben een jongen met oranje/brons haar en had een zandkleurige zomerjas open aan. Ik had een lichtbruine broek, casual schoen zoals jij, verder een geel-grijs overhemd. Op mijn schoot hield ik een katoenen tas met een grote gele opdruk. Ik las net als jij een Spits welke ik net als jij op de stoel naast me legde. Net als jij voelde ik de ongemakkelijkheid en probeerde ik zo vaak als ik kon naar je te kijken. Het enige wat ik tegen je zei was 'doei', toen ik weg ging. Het is echt dom dat ik niets tegen je durfde te zeggen, maar ik kan je niet vergeten. Vanaf het begin dat ik je zag vond ik je leuk en graag wil ik, als jij dat ook wilt, eens met je afspreken om elkaar wat beter te leren kennen. Dus ik hoop dat je me vind."

Reactieformulier

Naam E-mailadres
Reactie